Potloodtekening

Sander de Hosson Nov 19, 2021
Potloodtekening

‘Haar familie komt niet meer, omdat ze zelf bang zijn besmet te raken,’ zegt de verpleegkundige tegen me. Ik kijk naar het troosteloze weer buiten. De neveldampen hangen over het groengele grasveld van het ziekenhuis. De herfst is al lang begonnen, maar dit coronajaar is het verfijnde schouwspel van de veranderende kleuren volledig langs me heen gegaan. Ik zag het wel, maar genoot er niet van.

De vrouw is ver in de tachtig en het gaat beslist niet goed. De familie die ze nog heeft, is ook op leeftijd; een zus en een neef komen niet meer langs uit angst zelf besmet te raken. Ik begrijp dat ergens wel, maar het feit dat deze vrouw alleen zal sterven is moeilijk verteerbaar.
Als zovelen op deze afdeling ontwikkelde ze de afgelopen dagen angstklachten en zag ze dingen die er niet werkelijk waren. Een delirium, een verwardheidstoestand waar we haloperidol tegen geven. Eigenlijk zou het veel beter zijn om mensen met een delier thuis te behandelen, dat is erg effectief door het ervaren van een veilige omgeving, maar door haar hoge zuurstofbehoefte is dat geen optie.

Enkele dagen later gaat haar toestand verder achteruit. De verpleegkundige vertelt dat ze suffer is, veel kreunt en ook benauwder wordt. ‘We zijn veel met haar in de weer. We besluiten de behandeling met een cocktail van bloedverdunners en dexamethason te staken en ik bel haar zus: ‘Ze gaat sterven.’  Ik spreek af dat ze morfine tegen de benauwdheid krijgt en dat we met palliatieve sedatie starten als de onrust verder toeneemt. 

Dan lopen we samen naar haar bed. Als ik de kamer binnenkom, zie ik het gebogen silhouet van een andere verpleegkundige die op haar bed zit en het nagelt me aan de grond. Dit heb ik niet vaak gezien in mijn werk. 

Ze heeft beide armen om de vrouw heen gevouwen. Het groene pak zit haar iets te ruim en hangt deels om haar heen. Haar masker, de grote bril en het haarnet hebben haar voor mij onherkenbaar gemaakt.


Ik volg de contouren van haar armen die zich symmetrisch nestelen om het bovenlijf van de vrouw, die alleen nog in een nachtjapon ligt en wiens hoofd op de schoot van de verpleegkundige rust. Haar benen liggen opgekruld in een foetushouding. Ze is grauw. Ik zie dat met name rond haar neus. Maar ze ademt rustig, een enkele keer kreunt ze.

De verpleegkundige kijkt me aan terwijl ze het hoofd en bovenlichaam van de vrouw zacht heen en weer wiegt en ik zie haar lippen krullen: ‘Ssst, zegt ze. Fluisteren, want ze is eindelijk rustig.’

‘Hoe lang zit je hier al?’ fluister ik.

‘Tweeëneenhalf uur, iets minder’, zegt zij.

De woorden zijn op, ik heb geen vragen meer. Ik voel tranen opwellen die niet komen en ga maar in de vensterbank zitten en minutenlang sla ik het tafereel gade. 

Ik wil het beeld vastleggen, zodat het door iedereen gezien wordt. Ik wil dat het getekend wordt, met zachte potloodlijnen, want zo zal ik het in mijn herinnering opslaan. Een mooie zachte potloodtekening, als eerbetoon. Niet alleen voor deze verpleegkundige, maar voor elke zorgverlener in de palliatieve zorg.



--------------------

Meer weten over palliatieve zorg bij corona? Volg dan hier de informatie over het webinar op 30 november.