Transparant

Barbara Doeleman-van Veldhoven, Compassionate Care& Mindful Medicine 01-07-2022
Transparant

Zij is pas 34 jaar oud, ik ben pas 24 jaar jong. Zij is moeder van drie kinderen, heeft een geel gelaat en gaat spoedig dood. Ik heb net de liefde van mijn leven ontmoet en denk de hele wereld aan te kunnen. Een beetje ‘per ongeluk’ ben ik bij haar terecht gekomen; mijn stage betreft de afdeling ’traumatologie’, maar de ‘oncologie’ heeft gevraagd of iemand langs kan komen om haar pijn te verlichten.

Op de drempel van haar kamer valt mijn jeugdige onervarenheid als een sluier over mij heen en de gedachte ‘wie ben ik om hier te mogen zijn?’ maakt dat ik vertraag. Ondanks dat ik al op jonge leeftijd bewust ben van de voorbijgaande aard van het leven, is het nog een ander verhaal om er zo levendig getuige van te zijn.

De kamer kleurt lichtgeel door het zonlicht en haar gele gelaat is transparant. Met ingevallen wangen en een opgebolde buik klimt ze verbluffend vitaal uit haar bed, ook al is ze onmiddellijk buiten adem. Bijna van dezelfde generatie en toch zit er een leven tussen. Ziet de aankomende dood er zo uit? Ik heb geen idee.

Als ik mijn hand uitsteek, pakt ze mijn beide handen. Die van haar zijn zo frêle dat die van mij als kolenschoppen aanvoelen. Een groot gevoel van dankbaarheid verrast me. Ik voel me bijna vereerd, hoe raar dat ook mag klinken. Ik vind het zo bijzonder dat deze jonge stervende vrouw mij toelaat in de intimiteit en teerheid van haar stervensproces.

Hoe ons gesprek precies verloopt, weet ik niet meer. Wel weet ik dat we ook hebben gelachen. Haar gedecideerdheid maakt indruk op me. Ze weet wat ze wel en wat ze niet wil. Ze vraagt mij of ik haar kan helpen wat te ontspannen ondanks alle pijn die ze heeft.

In die tijd is meditatie nog niet geaccepteerd in de medische setting, maar ik hoop zo dat het haar zou helpen, dat ik het risico maar neem. Met mijn zeer bescheiden ervaring met meditatie (destijds zo’n 5 jaar), nodig ik haar uit om weer te gaan liggen en haar focus van aandacht op de adembeweging te laten rusten. ‘Als er een inademing is, weet ik dat er een inademing is, als er een uitademing is, weet ik dat er een uitademing is.’

Haar vertrouwen ontroert me, haar sereniteit nog meer. Ik zit zo’n 15 minuten aan haar zijde, we zijn beiden kalm en als we afscheid nemen, vraagt ze of ik de volgende dag weer wil komen.

De volgende dag sta ik op de drempel van haar kamer en beschijnt het gele zonlicht een lege ruimte…