Op 4 maart 2026 organiseerde Carend samen het congres ‘Palliatieve Zorg bij Hartfalen’ in Van der Valk Utrecht. Het werd een inspirerende en intensieve middag waarin meer dan 250 zorgverleners uit verschillende disciplines samenkwamen om zich te verdiepen in de palliatieve zorg voor patiënten met hartfalen.
Wat direct opviel was de diversiteit van het publiek. Cardiologen, huisartsen, verpleegkundig specialisten, physician assistants, hartfalenverpleegkundigen en wijkverpleegkundigen zaten naast elkaar in de zaal. Juist die mix maakte het congres bijzonder: professionals die elkaar in de praktijk nodig hebben, maar elkaar niet altijd vanzelfsprekend ontmoeten, gingen hier met elkaar in gesprek.

Palliatieve zorg bij hartfalen krijgt steeds meer aandacht
Hartfalen is een van de meest voorkomende chronische aandoeningen in Nederland en kent een vaak grillig en moeilijk voorspelbaar ziekteverloop. Tijdens het congres werd duidelijk hoe belangrijk het is om hartfalen niet alleen vanuit een cardiologisch perspectief te bekijken, maar ook vanuit een palliatieve benadering waarin kwaliteit van leven centraal staat.
Cardioloog Bas Bekkers trapte het programma af met een overzicht van het ziektebeloop, de pathofysiologie en de behandelmogelijkheden bij hartfalen. Hij liet zien hoe patiënten vaak balanceren tussen periodes van relatieve stabiliteit en plotselinge verslechteringen die tot ziekenhuisopnames leiden. Tegelijkertijd stond hij stil bij de grenzen van behandeling: wanneer blijven we behandelen, en wanneer verschuift de focus naar kwaliteit van leven? Het leidde tussen een levendige discussie tussen deelnemers.
Samen vooruitkijken
Vervolgens ging verpleegkundig specialist Marjan Aertsen in op het belang van proactieve zorgplanning bij patiënten met hartfalen. Zij liet zien hoe zorgverleners kantelmomenten in het ziektebeloop kunnen herkennen en hoe gesprekken over wensen, verwachtingen en behandelgrenzen tijdig gevoerd kunnen worden.
Voor veel deelnemers was herkenbaar hoe belangrijk de rol van verpleegkundig specialisten en hartfalenverpleegkundigen hierin is. Zij hebben vaak het meest intensieve contact met patiënten en naasten en spelen een sleutelrol in het begeleiden van gesprekken over de toekomst.
Ruimte voor zingeving
Een ander perspectief bracht Marc Rietveld, geestelijk verzorger in het UMC Utrecht. In zijn bijdrage stond de vraag centraal wat een chronische ziekte als hartfalen doet met iemands identiteit en levensperspectief. Ziekte raakt immers niet alleen het lichaam, maar ook hoe mensen naar hun leven, relaties en toekomst kijken.
Hij benadrukte dat niet alles in de zorg opgelost hoeft te worden. Soms is luisteren en aanwezig zijn het belangrijkste wat een zorgverlener kan doen.

Aan het publiek werd de vraag gesteld welke zingevingsvragen mensen met hartfalen vaak hebben. Deze Wordcloud was het antwoord.
Zorg in de laatste fase
In het afsluitende tweeluik bespraken Bas Bekkers en Sander de Hosson de zorg in de latere en laatste levensfase bij hartfalen.
Bekkers ging onder meer in op vragen rond medicatie, behandelbeperkingen en het omgaan met apparaten zoals pacemakers en ICD’s. De Hosson had weinig tijd maar ging in op de stervensfase en de inzet van palliatieve sedatie wanneer klachten onbehandelbaar worden. Hij sloot met een persoonlijke column af.
Veel interactie en herkenning
Wat het congres bijzonder maakte, was de grote betrokkenheid van de deelnemers. Tijdens alle sessies ontstonden levendige discussies en werden veel vragen gesteld. Zorgverleners deelden ervaringen uit de praktijk en gingen met elkaar in gesprek over dilemma’s die zij dagelijks tegenkomen.
Juist die interactie maakte duidelijk hoe groot de behoefte is aan meer kennis en samenwerking rondom palliatieve zorg bij hartfalen.
Een vakgebied in ontwikkeling
De middag liet zien dat palliatieve zorg bij hartfalen volop in ontwikkeling is. Steeds meer zorgverleners zien hoe waardevol het is om naast behandeling ook aandacht te hebben voor kwaliteit van leven, proactieve zorgplanning, zingeving en goede zorg in de laatste levensfase.
Het congres bracht professionals uit verschillende disciplines bij elkaar – en misschien was dat wel de grootste opbrengst van de dag: zorgverleners die elkaar vonden rond een gedeelde missie om de zorg voor patiënten met hartfalen menselijker, beter en completer te maken.
