Pleisterplek. Een rubriek -kort maar fijn- over dat ene dierbare plekje in je huis of je tuin of je auto of zomaar ergens onderweg, waar je even heel fijn herinnerd wordt aan degene die er niet meer is. Waar je regelmatig bij stilstaat en je weer even zorgeloos weet en voelt dat diegene nog bij je is. Deze aflevering vertelt Sandra Pommerel over haar pleisterplek:

De pleisterplek voor mijn vader is op mijn werk. Mijn zoon Jip heeft een 3D-print van mijn vader gemaakt: op zijn sloffen, in joggingbroek, precies met zijn herkenbare houding. Hij staat op de boekenplank boven mijn bureau. Omdat ik wil dat we daar samen zijn, heb ik een Playmobil-poppetje gekocht dat mij representeert. Zo staan we daar: mijn vader en ik.
Iedere ochtend, voordat de eerste cliënten komen, zit ik even met hem. Soms praat ik met hem, soms is stilte genoeg. Dit is mijn pleister op de wond - een wond die bijna een jaar oud is. Ik ben bekkenfysiotherapeut en GZ‑haptotherapeut, met een eigen praktijk die ik samen met collega’s run. Het is een plek waar zorg, menselijkheid en verbinding centraal staan, en juist daarom kwam mijn vader er altijd zo graag. In de beginjaren kwam hij vaak langs om te helpen: schilderen, kleine klusjes - geen moeite was hem te veel. Hij stond altijd voor mij klaar, trots en betrokken. De praktijk voelde daardoor nooit alleen als mijn werkplek, maar ook als een gezamenlijk project, iets waar hij ook verantwoordelijkheid voor voelde en waar hij zich nuttig kon blijven maken, ook toen hij steeds ouder werd. En ik voelde mij trots dat mijn vader dat wilde en kon doen.
Later begon hij er ook te trainen. Hij fietste dan vanuit Purmerend naar Volendam, een rit die hem vitaal hield en die hij koppelde aan een vast ritueel: 45 minuten roeien, daarna een warme chocomelk. Soms had ik een moment tussen cliënten door, en dan zaten we even samen. Mooie momenten, die achteraf altijd veel dierbaarder zijn dan in het moment, waar toch het tempo van mijn dag in zat.
Hij werd 85, en enkele maanden daarvoor werd hij ziek. In het begin kwam hij nog met de auto naar de praktijk, vastbesloten om in beweging te blijven. Hij was onder behandeling bij mijn collega, maar het ging snel. Je zag de kracht letterlijk uit hem wegvloeien. Zo hoefde het niet meer voor hem, en ik begreep dat helemaal. Aftakelen paste hem niet.
Zijn euthanasie werd gepland, net ná de heropening van de praktijk. Daar wilde hij per se nog bij zijn. Wat was ik trots en blij dat hij hier nog bij kon zijn. Toen hij, ondersteund, de praktijk verliet, was het zo voelbaar dat dit een definitief afscheid was. De fotograaf die onze feestelijke heropening zou vastleggen, moest even wachten. Het afscheid was ook voor mij twee maten zo groot, de vreugde van de heropening werd overstemd door het verdriet.
Op deze plek, waar ik zoveel tijd doorbreng, hoort mijn vader nog altijd bij mij. Het is haast tastbaar: de ruimte die ik hier voor hem heb, is groter dan thuis. Dit was ook onze plek, waar werk en liefde vervlochten raakten.
Inspirerend? De Carendredactie nodigt je uit om jouw pleisterplek te delen. Stuur een bericht naar redactie@carend.nl , dan nemen we contact met je op.