In de rubriek 'VRAAG!' beantwoorden Brigitte Verburgh en Jolet Plomp vragen over palliatieve zorg van jullie, onze lezers.
VRAAG!
Waarom zijn mensen bang voor de dood?
Antwoord:
In de praktijk zie ik dat veel mensen bang zijn voor de dood, maar niet altijd met dezelfde reden. Ik vraag altijd aan ernstig zieke patiënten en diens naasten of zij bang zijn voor de dood. Zelden antwoordt een patiënt:' Nee, ik ben niet bang'. Veel vaker luidt het antwoord ja. Juist door de angst bespreekbaar te maken, kunnen wij, zorgverleners, angst verminderen of wegnemen. Ik zeg wel eens:' Als u het mij niet vertelt, dan kan ik u niet helpen.’ Angst is niet altijd te zien. Ik leg patiënten uit dat de meeste mensen die bang zijn voor de dood, dat zijn om de volgende redenen:
1: Bang voor lichamelijke ongemakken zoals pijn, benauwdheid, het gevoel te stikken of verwardheid.
2: Bang voor het onbekende. Wanneer en hoe gaat de dood zijn intrede doen, maar ook of er leven is na de dood. Heb ik mijn leven goed geleid, wacht er iemand op mij of is dood ook echt dood?
3: Bang voor wat je achter moet laten. Zullen mijn naasten zich wel redden? Hoe word ik herinnerd? Gaan mensen mij missen? Wordt alles geregeld als ik er niet meer ben?
Negen van de tien keer, vertellen patiënten mij uitgebreid over hun angst voor de dood. Ik denk aan Annie, die opgenomen is in het hospice. Ze huilt als ik haar vraag waar zij precies bang voor is. ' Voor de pijn, ik wil geen pijn lijden, het maakt mij zo angstig', zegt ze. Verbaasd kijk ik haar aan. 'Annie, heb je nu pijn?' Ze antwoordt nee. 'Waarom denk je dat dit nog gaat komen?' Ze heeft een pijnpompje en ik leg haar uit dat we haar goed in de gaten houden en het pompje kunnen ophogen. Opgelucht haalt ze adem. Ik zie een last van haar afvallen.
Niet alle gesprekken zijn zo gemakkelijk als dit gesprek. Sommige angsten kunnen niet weggenomen worden. Niemand weet wat er na het sterven gebeurt, of er leven is na de dood. Er zijn hele studies uitgeschreven, godsdiensten gestart en verloren gegaan en rituelen bekend die de overgang van het leven naar de dood kunnen ondersteunen. Desondanks blijft het een vraagteken. Er zijn geen antwoorden vindbaar over wat de dood nu werkelijk inhoudt.
Als iemand bang is voor dat wat hij achter moet laten, probeer ik duidelijk te zijn. Je hebt het niet in de hand. Als terminale patiënt stopt je leven, terwijl dat van jouw dierbare doorgaat. Je hoopt dat ze het redden, maar je weet het niet precies. Het zal moeilijk zijn, maar het leven gaat verder. Soms geeft het een patiënt rust om zoveel mogelijk geregeld te hebben voor de dood. Ze willen zo lang mogelijk de regie houden over hun leven en dierbaren die zij uiteindelijk los moeten laten. Dit kan ook leiden tot stress en angst. Wat dan weer niet de bedoeling is.
Als laatste leg ik patiënten en hun naasten uit dat (bijna) iedereen in rust komt te overlijden. Vroeg of laat is de angst niet meer aanwezig. Bij de ene patiënt is het al weken voor de dood, bij de ander drie minuten voor het overlijden. Is het de tijd die het ze leert? Berusting? De ziekte die overheerst? Geloofsovertuiging of verwachtingsmanagement? Dat de dood al je angsten wegneemt, dat weet ik inmiddels wel.
Heb jij ook een vraag over palliatieve zorg? We lezen het graag. Mail je vraag naar redactie@carend.nl met ‘vraag’ als onderwerp.