Er komt een debat in de Tweede Kamer over palliatieve zorg in zorgopleidingen. Aanleiding is de recente landelijke enquête waaruit bleek dat veel zorgverleners vinden dat zij tijdens hun opleiding onvoldoende zijn voorbereid op zorg rond het levenseinde. Het verzoek voor een debat werd gedaan door Wieke Paulusma en kreeg unanieme steun van de overige Kamerleden.
Dat betekent dat de politiek zich binnenkort buigt over een onderwerp dat duizenden zorgverleners dagelijks raakt. Palliatieve zorg is geen niche, maar een essentieel onderdeel van de gezondheidszorg. Jaarlijks overlijden in Nederland ruim 170.000 mensen. Een groot deel van hen heeft in de laatste levensfase behoefte aan zorg die gericht is op kwaliteit van leven, symptoombestrijding, communicatie en ondersteuning van naasten.
Uit de enquête, die veel aandacht kreeg in de media, kwam naar voren dat zorgverleners regelmatig ervaren dat onderwijs over palliatieve zorg nog te versnipperd of te beperkt aanwezig is in opleidingen. Juist nu de samenleving vergrijst en de zorgvraag complexer wordt, groeit de behoefte aan professionals die goed zijn toegerust voor gesprekken over grenzen van behandeling, comfortzorg en zorg in de stervensfase.
Dat er nu een Kamerdebat volgt, laat zien dat het onderwerp breed wordt gedragen. Niet alleen door professionals en patiëntenorganisaties, maar ook politiek. De unanieme steun voor het debat onderstreept dat goede zorg aan het einde van het leven begint bij goed onderwijs aan het begin van een loopbaan.
Carend is verheugd dat de signalen uit het veld worden gehoord. Wij hopen dat het debat leidt tot structurele aandacht voor palliatieve zorg in opleidingen voor artsen, verpleegkundigen en andere zorgprofessionals. Want iedereen krijgt vroeg of laat te maken met ongeneeslijke ziekte, sterven en verlies. Dan moet de zorgverlener klaarstaan — met kennis, vaardigheden en menselijkheid.
Lees hier meer over de enquête