Nieuws Columns Webinars Congressen Opleidingen Podcast Forum
Alle resultaten

Mag ik mijn harnas uitdoen?

08.07.2026 1:00 's ochtends
Mag ik mijn harnas uitdoen?
Klara van Zuijdam
massagetherapeut / docent Touch for Care

‘Mag ik meteen doorlopen?’ vraagt ze. ‘Dan kun jij nog even met mijn man praten over de dingen die ik misschien vergeet.’ ‘Jazeker mag dat, Dina. De thee staat al op je te wachten. Ik kom er zo aan.’ Terwijl ik haar man in de keuken van koffie voorzie, vraagt hij of ik ook naar Dina’s linker schouder wil kijken. Ze heeft daar al zo lang last van. Ik knik, natuurlijk wil ik dat. Dina (76) leeft met Alzheimer. Haar man is haar externe geheugen. Vooraf informeert hij me over de dingen die voor Dina belangrijk zijn en die ze niet wil vergeten, maar mogelijk wel vergeet.

Terwijl ik met Dina aan de thee zit, zegt ze opeens: ‘O ja… voor ik het vergeet… zou je ook even naar mijn schouder willen kijken? Daar heb ik al jaren en jaren last van… Ik vertrouw je nu genoeg om je daarnaar te laten kijken. Heeft mijn man dat trouwens niet gezegd tegen je?’ Ik bevestig dat en ze is blij dat ze het zelf ook nog weet.

Even later hoor ik achter me: ‘Mag ik mijn harnas ook meteen uitdoen?’ Ik draai me om.
‘Zeg je nou harnas?’ vraag ik verbaasd. Ze wijst naar haar prothese bh. ‘Ja, dit ding hier. Dat noem ik mijn harnas.’ ‘Het is voor het eerst in mijn leven dat ik hoor dat iemand haar bh een harnas noemt,’ zeg ik.

Dan vertelt ze het verhaal in vogelvlucht. Zesentwintig jaar geleden kreeg ze borstkanker. Uiteindelijk is haar borst geamputeerd en kreeg ze een prothese. ‘Zo zwaar als een bowlingbal,’ zegt ze. ‘Daarom noem ik het een harnas, hier voel maar.’ Ze duwt haar ‘harnas’ in mijn handen. Ik voel het gewicht van de prothese. Een grote cup, passend bij haar andere borst. Ongelooflijk zwaar. Nu begrijp ik ook hoe die diepe groeven in haar schouders zijn ontstaan. Dag in dag uit heeft de zwaartekracht 26 jaar lang onuitwisbare sporen achtergelaten. Ik vertel haar dat er inmiddels veel lichtere protheses zijn. En over de breiboezem. ‘Alles is beter dan dit harnas,’ verzucht ze. ‘Het is niet meer te doen. Bespreek het straks maar met mijn man erbij.’

Ik leg een superzacht kussentje op de plaats waar ooit haar borst zat en start met massage van haar rug. Daarna volgen haar schouders. Voorzichtig vraag ik of ik ook de voorkant mag bekijken - voelen. De restanten van de borstspieren kunnen ook een rol spelen bij haar klachten. ‘Het ziet er niet fraai uit daar,’ zegt ze. ‘Maar van mij mag je.’ Ik zeg dat ze bij mij goed is zoals ze is. Met of zonder borst, fraai of niet…‘Hoe voelt het daar?’ Zwijgend haalt ze haar schouders op. ‘Dat weet ik eigenlijk niet zo goed. De boel is daar gevoelloos, zenuwen zijn kapot. Maar het lijkt wel alsof er een strakgetrokken riem omheen zit. Dat went eigenlijk nooit.’

Ik zie het litteken. Hard. Ruw. Gespannen. ‘Heb je het wel eens ingesmeerd?’ vraag ik. Weer kijkt ze me zwijgend aan. Met schorre stem zegt ze: ‘Die plek heb ik al 26 jaar niet aangeraakt.’ We kijken elkaar aan. Ik ben stil, ontdaan door haar antwoord en de impact ervan. Ik voel de enorme lading onder haar woorden. Gestold verdriet is zichtbaar in haar ogen. ‘Hoe was je je dan?’ vraag ik. ‘O ik sta onder de douche. Het water spoelt het wel schoon. Maar aanraken… nee. Dat doe ik niet. Sinds de operatie heeft alleen de arts het aangeraakt. En de verpleging natuurlijk. Ik ben er nooit meer aangekomen.’

Ik vertel haar dat ook na al die jaren een litteken nog soepeler kan worden. Met speciale olie en met fasciatherapie. Ik vertel haar dat ik daar een opleiding voor heb gevolgd. Speciaal voor mensen met borstkanker. Terwijl ik het restant van haar borstspier masseer, hoor ik zacht: ‘Zou jij het voor me willen insmeren met die olie? En dan ook die fassie of zoiets willen doen? Als jij daar speciaal voor geleerd hebt dan durf ik dat wel aan.’ ‘Natuurlijk,’ zeg ik. ‘Maar weet je echt zeker dat je dat nu wilt? Je mag er nog over nadenken.’ Ze is zeker. Alle verbetering is meegenomen, volgens haar, die riem wil ze wel losser of helemaal kwijt.

Voorzichtig en behoedzaam raak ik het litteken aan. Ik strijk over de hobbels. De bobbels. En het verhaal dat daarin ligt opgeslagen. Steeds zoek ik haar gezicht. Ze kijkt me aan met een open blik, vol vertrouwen. ‘Wat doe jij dat fijn en voorzichtig. Voelt dit niet rottig voor je?’ ‘Nee,’ zeg ik zacht. ‘Absoluut niet.’ Wat ik wél voel, is hoe ongelooflijk intiem dit is. Haar grenzeloze vertrouwen. Het deel van haar lichaam dat ze al 26 jaar niet meer heeft aangeraakt. En de vanzelfsprekendheid waarmee ze dit, na slechts drie ontmoetingen, in mijn handen durft te leggen.
Ik voel de diepte van dit moment. Haar kwetsbaarheid. Alsof er iets veel groters gebeurt dan alleen het aanraken van een litteken. Het raakt me diep in mijn ziel.

Ze begint te vertellen over de borstkanker. Haar angst, verdriet, pijn, de behandelingen en uiteindelijk de amputatie. Die wilde ze zelf ook. Weg ermee. En daar heeft ze goed aan gedaan. Het is nooit teruggekomen. Zo lang geleden. Maar ondanks haar dementie is ze na al die tijd geen detail vergeten. Als ik klaar ben met de fasciatherapie, verdeel ik de olie langzaam over het litteken.

Na een tijdje vraag ik: ‘Wil je misschien je hand op de mijne leggen? Dan doen we het samen.’ Ze kijkt me nieuwsgierig aan. ‘Hoe dan?’ ‘Mijn hand blijft hetzelfde doen. En jij legt jouw hand er zachtjes bovenop. Alleen maar als je dat wilt. Je mag op elk moment stoppen.’ Ze knikt. ‘Als ik mag stoppen wanneer ik wil… dan durf ik het wel.’ Vastberaden legt ze haar hand op de mijne. Samen strijken we langzaam over het litteken.

Na afloop vraag ik of ze de olie mee naar huis wil nemen. ‘Nee hoor,’ zegt ze resoluut. ‘Ik ga dit echt niet zelf doen. Alleen als ik bij jou ben, met mijn hand op de jouwe.’

Stil van binnen weet ik dat vertrouwen niet zit in de vraag, maar in de ruimte erna.
In het niet hoeven instemmen.
In het nee mogen zeggen.
Of zelfs in geen antwoord hoeven geven.

Healing isn’t about becoming someone new.
It’s about letting the parts of you that hurt finally feel safe enough to stay.


Klara van Zuijdam is specialist in aanraking en massage bij kwetsbare doelgroepen en werkt sinds de jaren negentig in de palliatieve zorg. Via Touch for Care deelt ze de helende kracht van liefdevolle aanraking en aanwezig-zijn in de laatste levensfase.


Stichting BreiBoezem helpt vrouwen die een (gedeeltelijke) borstamputatie hebben gehad door het verstrekken van gratis gebreide borstprotheses: de BreiBoezem.


Massage bij kanker is een specialisatie. Massagetherapeuten in jouw buurt die gespecialiseerd zijn in massage bij mensen met kanker, kun je vinden op de website van Kanker.nl Massage bij kanker is mede opgericht door Klara van Zuijdam.


Kijk hier het webinar 'Complementaire zorg in de palliatieve fase' terug. In de palliatieve zorg is veel aandacht voor kwaliteit van leven en symptoombestrijding. Vaak wordt hierbij uitgegaan van voornamelijk medische oplossingen. Echter kan daarnaast ook andere, aanvullende, zorg worden toegepast; complementaire zorg. Dit is aanvullende zorg die wordt gegeven naar de reguliere zorg.  




Reageer

Alleen geautoriseerde gebruikers kunnen een reactie achterlaten
Heb je al een account? Inloggen
subscribe nos
Ja, houd mij ook op de hoogte
nieuws, webinars en meer

Inschrijving ontvangen!

Vanaf nu ontvangt u onze nieuwsbrief.