Enquete: Bijna alle verpleegkundigen zien lijden door onnodig lang behandelen
Verpleegkundigen zien regelmatig dat patiënten in de laatste levensfase langer worden behandeld dan volgens hen wenselijk is. Bijna alle ondervraagde verpleegkundigen hebben meegemaakt dat een patiënt daardoor onnodig leed. Ook heeft het grote gevolgen voor verpleegkundigen zelf: negen op de tien voelen zich in dergelijke situaties weleens machteloos en ruim driekwart ervaart morele stress.
Dat blijkt uit een enquête van vakblad Nursing onder bijna vierhonderd verpleegkundigen. De uitkomsten werpen opnieuw de vraag op wanneer medisch behandelen nog bijdraagt aan goede zorg – en wanneer het tijd is om andere keuzes te maken.
Van de verpleegkundigen zegt 63 procent dat zij soms meemaken dat een patiënt te lang wordt doorbehandeld. Nog eens 36 procent zegt dat dit vaak gebeurt. Slechts een fractie van de ondervraagden herkent het probleem niet.
Verpleegkundigen merken het onder meer doordat het lijden van een patiënt zichtbaar toeneemt. Dat wordt door 70 procent genoemd. Twee derde ziet dat een behandeling steeds minder effect heeft en 57 procent merkt dat de nadelen en complicaties uiteindelijk groter worden dan de voordelen.
Dicht bij de patiënt
De cijfers zijn relevant omdat verpleegkundigen vaak veel tijd aan het bed doorbrengen. Zij zien niet alleen de medische gevolgen van een behandeling, maar ook hoe iemand eet, slaapt, beweegt en zich gedurende de dag voelt. Ook horen zij regelmatig zorgen die een patiënt of naaste niet tijdens het artsenbezoek uitspreekt.
Toch ervaren verpleegkundigen niet altijd dat hun observaties voldoende gewicht krijgen. Slechts 6 procent voelt zich altijd gehoord door de arts. 38 procent zegt dat dit meestal gebeurt, 45 procent slechts soms en 11 procent zelden.
Dat betekent niet dat verpleegkundigen hun mond houden. 86 procent bespreekt zorgen over doorbehandelen met een arts en 91 procent doet dat met collega’s. Bijna twee derde voelt zich altijd of meestal comfortabel genoeg om een arts hierover aan te spreken. Een kwart voelt zich daar slechts soms comfortabel bij.
Morele stress
Opvallend is vooral wat situaties van doorbehandelen met verpleegkundigen zelf doen.
Negen op de tien ondervraagden voelen zich soms, meestal of altijd machteloos wanneer zij vinden dat een patiënt te lang wordt behandeld. 76 procent ervaart minstens soms morele stress. Een even grote groep merkt dat dergelijke situaties invloed hebben op het eigen werkplezier en welzijn.
Morele stress ontstaat wanneer een zorgverlener denkt te weten wat goede zorg zou zijn, maar ervaart dat hij of zij daar onvoldoende naar kan handelen. Juist bij patiënten die ernstig ziek zijn kan dat scherp naar voren komen: een verpleegkundige ziet het lijden toenemen, maar de behandeling gaat door.
Maar liefst 95 procent van de ondervraagden heeft meegemaakt dat een patiënt volgens hen onnodig leed als gevolg van doorbehandelen.

Eerder praten
De verpleegkundigen zien ook mogelijkheden om dat te voorkomen. 68 procent noemt eerder praten over behandelgrenzen als belangrijke verbetering. 58 procent pleit voor meer begeleiding van familie, 47 procent voor betere samenwerking en 41 procent voor vaker multidisciplinair overleg.
Daarnaast vindt 62 procent dat verpleegkundigen een formele rol zouden moeten krijgen bij beslissingen over het stoppen van een behandeling.
Daarmee gaat de enquête niet alleen over de positie van verpleegkundigen. De cijfers raken aan een fundamentelere vraag binnen de zorg: bespreken we vroeg genoeg wat iemand nog wil wanneer genezing steeds minder waarschijnlijk wordt?
Juist daar ligt een belangrijke rol voor proactieve zorgplanning en palliatieve zorg. Een gesprek over doelen, verwachtingen en behandelgrenzen hoeft niet te betekenen dat de behandeling direct stopt. Het kan juist voorkomen dat zulke beslissingen pas worden genomen op een moment waarop de patiënt ernstig achteruitgaat en er weinig tijd meer is.
Goede zorg bestaat immers niet alleen uit weten wanneer een behandeling kan worden gestart. Minstens zo belangrijk is herkennen wanneer de nadelen groter worden dan de mogelijke winst – en daar op tijd met patiënt, naasten, artsen én verpleegkundigen over spreken.
Verpleegkundige Jennifer Bergkamp reageerde op Radio 1 over dit onderwerp. Beluister het fragment van NPO Radio 1 hier.
Carend organiseert op 10 februari een congres over communicatie in de laatste levensfase. Op deze dag zullen we uitgebreid op dit onderwerp ingaan.
Reageer