Nieuws Columns Webinars Congressen Opleidingen Podcast Forum
Alle resultaten

De wonder stethoscoop

Hoe een stethoscoop Angela helpt begrijpen hoe ziek ze is.

4 min leestijd

Guusje Hartman
Guusje Hartman
palliatief verpleegkundige in een huisartsenpraktijk
De wonder stethoscoop
Ik kom thuis en tref mijn twaalfjarige zoon zittend op de keukentafel aan. Hij heeft mijn nieuwe stethoscoop om en luistert naar zijn eigen hart. Ik ben net gestart met de opleiding tot verpleegkundig specialist en zit volop in de leermodus.

Ik lach en vraag: ‘Wat hoor je?’
Uitgebreid vertelt hij over zijn hartslag. Hoe hard zijn hart klopt, dat hij het op meerdere plekken kan beluisteren en dat het overal in hetzelfde ritme klopt. Vervolgens luistert hij naar mijn hart.

‘Het lijkt op elkaar. Is dat ook omdat wij familie zijn?’

‘Nee,’ antwoord ik, ‘dat komt doordat we allebei mensen zijn. Maar jouw hartslag gaat wel wat sneller. Dat hoort ook zo, want jij bent jonger.’

Hij knikt. Hij begrijpt het.
Dan plaatst hij de luisterknop op zijn hoofd. Zou daar ook iets te horen zijn?
Lachend neem ik de stethoscoop van hem over.

Een paar dagen later kom ik aan bij het hospice. Mijn patiënt Angela is die ochtend opgenomen vanuit het ziekenhuis. Naar huis gaan was geen optie meer. Ze is doodziek. Ze heeft leverkanker met uitzaaiingen.
Ze vindt het allemaal maar niks. Ze wil hier helemaal niet zijn. En ze wil al helemaal niet dood.

Als ik binnenkom, roept ze: ‘Guusje, ik lijk wel zo’n Afrikaans kind!’

Ze wijst naar haar dikke buik en haar dunne armen en benen. Ascites en een dreigende darmbeknelling zijn hiervan de oorzaak. Ze wil er niets van weten.
Angela is 55 jaar en heeft een verleden met drugs en alcohol. Er is een vermoeden van zwakbegaafdheid, maar dat is nooit vastgesteld. Ze heeft een moeilijk leven achter de rug.

‘Snap je nu dat ze mij hier stoppen? Ik ga nog niet dood of zo. Begrijp jij dat?’

Ze kijkt me uitdagend aan, wachtend op een antwoord. Alsof ik tegenover een opstandig kind van twaalf zit. Ik ga naast haar zitten.

‘Angela, de dokters hebben met je gepraat, hè? Je bent ziek en ze kunnen je niet meer beter maken,’ zeg ik. ‘En het lukt ze ook niet meer om je leven te verlengen. Ze kunnen er dus niet meer voor zorgen dat het nog wat langer duurt voordat je doodgaat.’

Ze kijkt me opstandig aan.

‘Ja, ja, dat zeggen ze wel. Ze wijzen op foto’s en scans, maar wie zegt dat die van mij zijn? Het zijn maar papiertjes in een computer.’ Boos kijkt ze de andere kant op. Met haar handen wrijft ze over haar dikke buik. Ineens krijg ik een idee.
‘Kun je even op bed gaan liggen, Angela?’

Met grote ogen kijkt ze me aan. Ze ligt op bed, met de stethoscoop in haar oren en de luisterknop op haar buik. Geconcentreerd luistert ze naar haar eigen darmgeluiden. Het is aandoenlijk om te zien. Ze oogt zo tenger en klein.

Rustig verplaats ik de luisterknop over haar buik, naar haar longen en vervolgens naar haar hart. Ik leg haar uit wat ze hoort. Darmgeluiden die klinken als een gootsteen. Longen die borrelen, maar ook knisperen, zoals wanneer je door de sneeuw loopt. En dan dat bonkende geluid, dat ze herkent als haar hart.

Krachtig, goed hoorbaar, maar versneld.
‘Het lijkt wel of ik aan het sporten ben!’ roept ze luid door de kamer.

Ik knik. ‘Zo ziek zijn, is eigenlijk een topsport.’
Lachend kijkt ze me aan.

‘Ik lijk zelf wel een dokter!’

Ik neem de stethoscoop over en voel aan haar buik. Dan pak ik haar hand en samen wrijven en duwen we voorzichtig op haar buik. Het doet pijn. Ik leg haar uit waarom dat zo is en wat ik haar wil geven om de pijn te verlichten.

We kijken naar haar enkels, die vol vocht zitten. Als ze hoest, vertel ik haar dat we het slijm zojuist ook in haar longen hebben gehoord. Wijs knikt ze. Ze begrijpt het.
Ik pak een stoel en ga naast haar bed zitten.

‘Dus ik ben echt heel ziek,’ zegt ze.

‘Helaas wel,’ antwoord ik. ‘Daarom kun je niet naar huis. We zijn bang dat er iets met je gebeurt en dat je dan alleen bent.’ Ze knikt een paar keer en laat mijn woorden even bezinken. ‘Oké, dan blijf ik wel hier,’ zegt ze na een stilte. Dan kijkt ze me aan.

‘Mag ik nog een keertje luisteren?’

Ik geef haar de stethoscoop. Ze luistert naar haar hart, dat nog krachtig klopt. Dan plaatst ze de luisterknop op haar nepborsten. Lachend vraagt ze:
‘Zou daar ook iets te horen zijn?’

Reageer

Alleen geautoriseerde gebruikers kunnen een reactie achterlaten
Heb je al een account? Inloggen
Abonneer je
Ja, houd mij ook op de hoogte
nieuws, webinars en meer

Inschrijving ontvangen!

Vanaf nu ontvangt u onze nieuwsbrief.